Terug naar Nieuws

Bijzondere verrichtingen motor: dit houdt het examenonderdeel AVB in

Ga je voor je motorrijbewijs? Dan kom je vroeg of laat de term bijzondere verrichtingen tegen. Dit is de bekende naam voor het examenonderdeel waarin je laat zien dat je de motor onder controle hebt: van stapvoets slalommen tot een noodstop vanaf vijftig kilometer per uur. Tegenwoordig noemt het CBR dit onderdeel AVB, kort voor Algemene VoertuigBeheersing. In deze blog lees je uit welke onderdelen het examen bestaat, hoeveel oefeningen je goed moet doen om te slagen en hoe je je er het beste op voorbereidt.

Bijzondere verrichtingen of AVB: is dat hetzelfde?

Ja. Bijzondere verrichtingen is de term die veel (toekomstige) motorrijders nog gebruiken, terwijl het CBR het examen inmiddels AVB noemt. Beide namen slaan op hetzelfde examenonderdeel: het gedeelte van je motorexamen waarin je verschillende manoeuvres op laag en hoog tempo uitvoert. Je kunt de termen dus door elkaar gebruiken. Wij houden in deze blog de naam AVB aan, omdat dit de officiële benaming is.

Het AVB-examen is het eerste praktijkexamen dat je aflegt. Pas als je hiervoor bent geslaagd, mag je door naar het AVD-examen: de rit in het echte verkeer.

Uit welke onderdelen bestaat het examen bijzondere verrichtingen?

Het AVB-examen is opgebouwd uit vier clusters, elk met een eigen soort oefening. In totaal zijn er twaalf mogelijke oefeningen, verdeeld als volgt:

  • Cluster 1, laag tempo en parkeren: achteruit parkeren.
  • Cluster 2, manoeuvreren op laag tempo: langzame slalom, wegrijden uit een parkeervak, de denkbeeldige acht, stapvoets rechtdoor rijden en de halve draai.
  • Cluster 3, hoger tempo: de uitwijkoefening, de snelle slalom en de vertragingsoefening.
  • Cluster 4, remmen: de noodstop, de precisiestop en de stopproef. 

Tijdens je examen laat je niet alle twaalf oefeningen zien. Uit elk cluster is één oefening altijd verplicht: achteruit parkeren, de langzame slalom, de uitwijkoefening en de noodstop. Daarnaast kiest de examinator uit clusters 2, 3 en 4 telkens nog één extra oefening. Zo kom je in totaal op zeven oefeningen die je die dag rijdt. Alle oefeningen tellen even zwaar mee.

Wil je precies weten hoe je de vier verplichte oefeningen het beste aanpakt? Daar gaan we in de blog over de verplichte oefeningen van het AVB-examen uitgebreid op in.

Hoeveel oefeningen moet je goed doen om te slagen?

Om te slagen voor het AVB-examen moet je minimaal vijf van de zeven oefeningen voldoende uitvoeren. Een oefening is voldoende wanneer je hem juist uitvoert en daarbij de motor goed bedient, bestuurt en in balans houdt. Gaat een oefening de eerste keer niet goed, dan mag je die op het examen nog één keer overdoen.

Dit slagingssysteem betekent dat een enkele misser niet meteen einde verhaal is. Je hoeft niet foutloos te zijn, je moet laten zien dat je de motor over de hele linie goed onder controle hebt.

Waarom voelt dit examenonderdeel vaak spannend?

Veel kandidaten kunnen spanning ervaren voor het AVB-examen, juist omdat je op een afgebakend terrein rijdt waar iedere afstand en elke pion precies vastligt. Die precisie voelt voor sommigen spannender dan rijden in het gewone verkeer, terwijl het eigenlijk vooral gaat om herhaling en vertrouwen in je eigen techniek. Hoe vaker je de oefeningen onder examenomstandigheden hebt gereden, hoe rustiger je op de dag zelf aan de start staat.

Hoe bereid je je goed voor op de bijzondere verrichtingen?

De beste voorbereiding bestaat uit veel oefenen op een terrein dat lijkt op de examensituatie. Let daarbij vooral op:

  • Balans en snelheid. Bij de langzame oefeningen draait alles om een constant, laag tempo met de koppeling. Bij de snellere oefeningen, zoals de uitwijkoefening en de noodstop, gaat het juist om tijdig en doelgericht reageren.
  • Vaste referentiepunten. Doordat de pionnen op vaste afstanden staan, help je jezelf enorm door die afstanden in je hoofd te automatiseren.
  • Rust in je hoofd. Een oefening die niet meteen lukt, mag je op het examen overdoen. Die wetenschap kan je al helpen om ontspannen te blijven.

Bij 1-2 Ride train je op ons eigen AVB-terrein in Winschoten. Doordat je hier ook rijles krijgt, oefen je steeds op dezelfde plek, in dezelfde examenopstelling. Zo hoef je op de dag van je examen niet te wennen aan een nieuwe locatie en weet je precies wat je te wachten staat.

Wat volgt er na de bijzondere verrichtingen?

Ben je geslaagd voor het AVB-examen? Dan volgt het AVD-examen, waarin je laat zien dat je ook in het echte verkeer veilig en zelfverzekerd rijdt. Dit examen vraagt om andere vaardigheden dan de bijzondere verrichtingen: hier let de examinator vooral op je verkeersinzicht en de manier waarop je omgaat met andere weggebruikers. Meer weten over dit vervolg? Lees dan onze blog over het AVD-examen.

Bijzondere verrichtingen, of AVB, is dus geen doel op zich, maar een belangrijke stap op weg naar je motorrijbewijs. Met de juiste voorbereiding en genoeg oefening op een vertrouwd terrein maak je die stap met vertrouwen.

Wil je zelf ervaren hoe het is om op een echt examenterrein te trainen? Neem een kijkje op onze pagina over het motorrijbewijs bij 1-2 Ride of vraag een proefles aan om kennis te maken met onze manier van lesgeven.

Vraag een gratis proefles aan

Motorrijles door de hele provincie